JO11

Algemeen

E-pupillen hebben de ideale leeftijd om de technische vaardigheden verder te ontwikkelen. Hoe langer hoe meer gaat het om het beheersen van de bal in allerlei situaties. Om het uiteindelijke doel – het winnen van de wedstrijd- te realiseren. De eerste contouren van “teambesef” worden zichtbaar. Spelers raken meer met elkaar betrokken. Ze zien verschillen tussen medespelers, wie kan bepaalde facetten beter, en wie heeft (nog) ergens moeite mee. Kinderen kunnen zich over het algemeen wat langer op hetzelfde onderdeel concentreren. Doelgerichtheid in het spel en ook in het oefenen, ontwikkelt zich. Samenspel, teamwork krijgt meer betekenis en dat manifesteert zich in meer begrip voor de tegenstander. Binnen de wedstrijd is er meer begrip en aandacht voor het omgaan met de ruimte. Bij de E-pupillen komt het besef dat het een teamsport is. Het handelen van de individuele spelers krijgt meer en meer een teambetekenis. Het doelgericht handelen van de individuele speler ontwikkelt zich naar het als team doelgericht handelen. Daar waar de mini- en F-pupillen het handelen uitsluitend op de bal was gericht (“ik en de bal”), gaat het nu hoe langer hoe meer om afstemmen van het handelen van de speler met de bal (passen, dribbelen/pingelen, passeren, schieten, aannemen, enz.) op dat van medespelers zonder bal (vrijlopen, positie kiezen, diepgaan, aanbieden, enz.). Binnen het opereren in teamverband loopt als rode draad het op een zinvolle wijze organiseren van de spelers op het veld. Wie blijft er meer voor, wie kan het werk op het middenveld aan en wie houdt het achterin in de gaten. Een teamorganisatie wordt zichtbaar. Om de verdere ontwikkeling van de individuele spelers vorm te geven is een organisatie tussen de verschillende spelers onderling onontbeerlijk. In deze leeftijdsfase zien wij bij Sparta’25 wel graag dat de spelers binnen deze organisatie op wisselende posities komen te spelen (voor, midden, achter, links en rechts).

Profiel van een trainer-coach voor de E-jeugd

Op de eerste plaats beseft een E-trainer-coach dat de kinderen met zoveel mogelijk (vereenvoudigde) voetbalvormen geconfronteerd moeten worden die lijken op de wedstrijdsituatie. Daarbij treedt hij voornamelijk op als begeleider die de spelers de ruimte geeft om zelf oplossingen te vinden voor de voetbalproblemen die ze tegenkomen. Tijdens de trainingen bewaakt hij de organisatie, helpt, motiveert en corrigeert hij vooral op technische uitvoering. Een goede E-trainer-coach is voor zijn spelers meer een kameraad en opleider met een echte voorbeeldfunctie, dan een trainer die vol met tactische vondsten zit. Op het veld kan hij het goede voorbeeld geven en weet hij in alle omstandigheden resultaten te relativeren. De ontwikkeling van de spelers is belangrijker dan het resultaat. Een goede E-trainer-coach is op de hoogte van de specifieke kenmerken voor deze leeftijd. Hij straalt rust en vriendelijkheid uit en heeft erg veel geduld. Tijdens trainingen beseft hij dat deze kinderen geen behoefte hebben aan uitgebreide tekst en uitleg, maar dat het vooral belangrijk is om zelf het goede voorbeeld te geven.

Leeftijdskenmerken, E-spelers wie zijn dat?

E-pupillen hebben een grote bewegingsdrang. Ze zijn snel afgeleid en kunnen zich maar een korte tijd richten op eenzelfde (uitdagende) activiteit, hun zogenaamde spanningsboog bedraagt maximaal vijftien tot twintig minuten. Het oefenen van technische vaardigheden gebeurt veel bewuster en doelgerichter dan voorheen. De technische vaardigheden kunnen verder worden ontwikkeld en elementaire tactische beginselen kunnen worden aangeboden, als de spelers er rijp voor zijn. Onderling zijn er grote verschillen in technische vaardigheid. Het motorisch handelen ontwikkelt zich snel. De succesbeleving van de E-pupillen is puur op de eigen persoon gericht. De E-pupillen zijn leergieriger en hebben al een betere coördinatie en meer balgevoel. Ze nemen de dingen bewust op en proberen oefeningen volgens aanwijzingen uit te voeren. E-pupillen zijn al beter in staat opdrachten uit te voeren. E-pupillen zijn al veel doelgerichter, ze willen scoren ! Ze hebben al veel meer gevoel om samen te spelen en hebben al veel meer inzicht in de bedoelingen van het spel. Ze krijgen langzaam besef van posities en de taken die daarbij horen. Ze ontwikkelen een voorkeur voor bepaalde posities, hebben geldingsdrang en een groter doorzettingsvermogen. Ook hebben zij een grote drang tot nabootsen. De meeste van deze spelers leven nog in een fantasiewereld. Er is een groot verschil in vaardigheid tussen 1e en 2e jaars. De kracht en de duurprestaties nemen toe en ze herstellen snel na een inspanning.

Wat betekent dat voor de begeleiding/coaching van E-jeugd?

  • positief coachen, blijven motiveren
  • vertel met alle begeleiders hetzelfde verhaal: stem uw coaching op elkaar af
  • ruimte laten voor eigen ontdekkingen, niet alles voorkauwen
  • ga er bij deze categorie vanuit dat één keer uitleggen niet voldoende is
  • simpel woordgebruik. Spreek in de taal van de kinderen bijvoorbeeld: "Ga staan waar je de bal kunt krijgen" is beter dan "Loop vrij"
  • helpend gedrag voor, tijdens en na de wedstrijd en training
  • individuele aandacht
  • stel vragen laat ze meedenken en zelf met antwoorden komen
  • tactiek komt nog beperkt aan bod
  • spelen al redelijk plaatsgebonden (deze positie moet nog wel regelmatig wisselen)
  • samenspel uit zichzelf al wat beter
  • visueel situaties laten herkennen (veel herhalingen)
  • ze willen scoren, hou daar rekening mee!
  • coachen op technische uitvoering
  • ideale leeftijd om veel aandacht te besteden aan de technische uitvoering
  • groot verschil in vaardigheid, onderling en tussen 1 e en 2e jaars (verder bekwamen in vaardigheid als groep en individu)

Voetbaltechnische doelstellingen – wat willen we ze leren?

Vanuit hun visie op voetbal en de logische structuur van voetbal heeft de KNVB binnen het jeugdvoetballeerproces voor iedere leeftijdscategorie een hoofddoelstelling geformuleerd en daarbij behorende aan te leren doelstellingen bij de teamfuncties aanvallen, omschakelen en verdedigen.

Hoofddoelstelling bij de E-jeugd is het leren samen doelgericht te spelen.

Leerdoelen Aanvallen

Bij het leren aanvallen geldt bij de E-pupillen dat de bal zo gecontroleerd en snel mogelijk daar gebracht moet worden waar gescoord kan worden. Dit vraagt om een gezamenlijk idee en zinvol handelen van verschillende spelers ten opzichte van elkaar. In de ontwikkeling van aanvallende handelingen voor E-pupillen speelt het kiezen van een speler om situaties individueel op te lossen, of samen met medespelers, een voorname rol. Dit is vooral de fase waarin spelers nog volop de gelegenheid moeten krijgen hun individuele handelingen met bal verder te ontwikkelen. De spelers moeten leren met de voetbalhandelingen bepaalde bedoelingen na te streven zoals doelgericht aanvallen om tot scoren te komen. De bal moet naar het doel van de tegenpartij om te kunnen scoren. De uiteindelijke bedoeling is altijd via opbouwen tot scoren te komen. Het gaat hierbij om de eerste stappen in de onderlinge afstemming van handelingen met de bal (dribbelen/pingelen, passen, passeren, schieten, koppen, aannemen, etcetera) en zonder de bal (vrijlopen, diepgaan, aanbieden, terugzakken, etcetera).

Leerdoelen Omschakelen

Tijdens het omschakelmoment moeten de E-pupillen leren om zo snel mogelijk weer te gaan aanvallen of te verdedigen. De spelers moeten inzicht krijgen in de verschillende opties en wanneer welke optie toegepast kan worden, of juist niet. Voor alle omschakelmomenten geldt dat er zo snel mogelijk over gegaan moet worden naar de nieuwe situatie. De wedstrijd is hierbij het ultieme hulpmiddel. Tijdens een wedstrijd of partijvorm vinden er continu omschakelmomenten plaats.

Leerdoelen verdedigen

Verdedigen is een taak voor iedereen. Wanneer de tegenpartij de bal heeft moet het verdedigen opleveren dat de tegenpartij niet scoort en dat de bal weer wordt terugveroverd. Hoe dit op een effectieve wijze kan geschieden, krijgt bij de E-pupillen meer betekenis. Het besef van wat er verdedigd moet worden en hoe dat op een zo goed mogelijke manier moet gebeuren zijn de uitgangspunten om het handelen van de E-pupillen verder te ontwikkelen. Hier gaat het weer om het concreet maken van het individuele handelen in termen van positie, richting, moment en snelheid binnen teamverband. Dus wanneer begint verdedigen, wat is het eerste dat gerealiseerd moet worden, hoe en waar moet de ruimte klein gemaakt worden. Naast wat vooral op het individuele vlak aan de orde is geweest, komt het er bij de E-pupillen vooral op aan dat het handelen wordt gestuurd door het juist inschatten van het handelen van de tegenstander(s) en afstemming met medespelers.

Training

De E-pupillen trainen (indien mogelijk) twee keer per week. Het trainingsveld wordt in stukken verdeeld en de voetbalspelletjes worden uitgezet. De kinderen worden ingedeeld in verschillende kleine groepen, zodat ze vaak aan de bal komen. De oefenvormen duren ongeveer 15 - 20 minuten waarna de kinderen naar een volgende oefenvorm gaan. We starten met een w-up aan de bal (voetbalcoördinatie). We sluiten de training af met een partijspel waarin de technische doelstelling van de training terugkomt. Deze manier van training zorgt ervoor dat de kinderen diverse oefenvormen aangereikt krijgen dus elke keer opnieuw geprikkeld worden.

Kortom de trainingen van de E-pupillen zijn gebaseerd op diversiteit en het aanleren op een manier die binnen de belevingswereld ligt van de kinderen. Tijdens deze trainingen gaat het er om dat de karakteristieke elementen van voetbal binnen de spelbedoelingen geleerd kunnen worden. Individuele ontwikkeling staat centraal. Veel balcontacten tijdens het spelen, tweebenigheid, aangepaste speelruimte, vereenvoudigde spelregels en minder complexe voetbalsituaties zijn naar de ingrediënten om het spel sneller te leren in deze leeftijd.

Concreet betekent dit dat kinderen voetbal leren door veel dezelfde voetbalhandelingen te oefenen. Kinderen leren voetballen door de spelbedoelingen zelf uit te vinden. De coach helpt kinderen om het voetbalspel te ontdekken. Er is plaats voor een korte uitleg of correctie. Geen langdurige concentratie, geen verhalen over hoe het spel gespeeld moet worden. Maar het allerbelangrijkste is natuurlijk: Plezier hebben in het spelletje!

Op de website www.sparta25jeugd.nl vindt U geschikte oefenstof voor elke categorie. Daarnaast beschikken wij over veel extra oefenstof uit andere bronnen om de techniek te verbeteren. Vraag er gerust naar bij de (assistenten) Hoofd Jeugdopleiding.

Wedstrijd

Voor het 7 tegen 7 en 9 tegen 9 hanteren we een vaste teamorganisatie waarin allerlei soorten spelers zich kunnen ontwikkelen. Bij de F- en E- jeugd draait alles om het ontwikkelen van de basisvaardigheden, bij de E-pupillen is het leerdoel samen doelgericht leren spelen. Spelplezier staat hierbij voorop, tactiek, conditie en resultaat zijn van ondergeschikt belang. Het opdragen van taken aan deze jeugdige voetballers moet heel voorzichtig gebeuren, laat ze vooral eerst hun eigen mogelijkheden en onmogelijkheden ontdekken. Pas wanneer opgemerkt wordt dat de spelertjes toe zijn aan meer in teamverband te spelen (met de daarbij behorende afspraken), kan daar langzaam mee begonnen worden, ingewikkelde tactische vondsten zijn niet gewenst.

Standaard wordt gespeeld in een 1-3-3 formatie (zevental) of 1-3-2-3 formatie (negental). De verdeling van de spelers over het speelveld in de teamorganisatie 7-7 ziet er als volgt uit:

7x7

Instagram

Fout: API koppeling ontbreekt

Tweets

Volg Sparta'25